Jett Rebel - a pinball wizzard

‘En?’, zul je vragen, ‘hoe was Jett Rebel?’
‘In één woord: indrukwekkend!’, is mijn antwoord en als je niet verder vraagt, zou ik het daarbij kunnen laten.

O, begrijp me goed, ik meen ieder woord. Die jongen kan zoveel. Naast zijn muzikale veelzijdigheid is hij ook nog een uber-entertainer. Misschien is er wel niemand op de Nederlandse podia, die zoveel kan als Jett Rebel. Met een energie (speed of adrenaline, who cares?), waarbij het woord tomeloos tekortschiet, stuiterde hij door zijn veelzijdige repertoire. En als een flipperbal knalde hij tegen de beperkingen op van zijn show, de beperkingen van een vaardige vijfmans rockband, van dat grote podium, van dat hongerige publiek dat moest worden vermaakt, iedere minuut van de drie uur durende show.

Vergeleken bij de Grote zaal van De Oosterpoort is een studio van vijf bij vijf een universum. Je kunt je hond meenemen, een kan koffie, je dromen en de geur van de nacht tevoren. Daar moest ik aan denken, toen ik hem helemaal uit zijn plaat zag gaan in uiteengerafelde versies van zijn beste songs. Het ligt aan mij, dat ik eigenlijk niet naar een concert ga om te worden geïmponeerd, of te worden vermaakt. Het is mijn fout dat ik niet meer vooraan stond, tussen de jongens en meisjes, die nog nooit zoiets fenomenaals hadden meegemaakt. In de sixties was Dylan revolutionair, maar de oude garde in the Village wist precies van wie hij welke pose had gejat. Het is mijn fout, dat ik bij de oude garde in de theaterstoelen zat en niet meestuiterde. 

Het ligt aan mij, niet aan Jett Rebel, dat ik kom voor de ontroering. Mijn geluksmoment kwam halverwege met It’s real. Dat koester ik. Als hij heel blijft, wordt hij groter dan Anouk. Tot over tien jaar.

Bekijk ook...

Raymond van het Groenewoud (artwork: HN)

Meisjes! Raymond van het Groenewoud

de dag brengt ouderdom de nacht brengt vreemde uren de deken is zo zwaar een bladzijde slaat om (het laatste couplet van Twee meisjes)

Kleine Saskia

Toen ik op de HTS nieuwe vrienden ontmoette, maakte ik ook kennis met andere muziek, Amerikaanse muziek, waar ik onmiddellijk van hield. Dylan, Neil Young, Jackson Browne. Maar de meeste indruk maakte the Band. De muziek was rauw en puur, anders, onbegrijpelijk en tegelijk geworteld in traditie. Ze zagen er anders uit. Ze hadden drie zangers, wisselden voortdurend van instrument en zongen over andere dingen.

Herman & Hedzer

De laatste dans: Listening wind (1987)

Mijn vrouw was al naar bed. De kleine sliep, maar ik was onrustig, die laatste zomer in de stad. Het oude huis, dat naar mij rook als een oude trui, gaf niets terug. Ik trok mijn witte laarsjes aan en, vooruit, deed nog eenmaal mijn gouden sjaal om. Voorzichtig trok ik de deur achter mij dicht en snoof de avondlucht diep in mijn longen. Met verende tred, op zoek naar mijn ritme, liep ik naar het centrum.