De bloei van de perenboom

Toen ik mijn erf opreed, trof mij de bloei van ons perenboompje. De witte bloesem straalde mij tegemoet en veroorzaakte een emotionele opvlieger. Ik danste naar binnen, wierp mijn sleutels luidruchtig op het kastje, en jubelde dat ik thuis was. Mijn vrouw kwam meteen overeind, zoende mij en vroeg hoe het was gegaan.
‘Perfect,’ zei ik, ‘mij kan niets meer gebeuren.’
‘Ho, ho. Je hebt pas één prik,’ merkte ze streng op.
‘Als ik nu ziek word, zijn de klachten mild,’ verklaarde ik standvastig, ‘de ziekenhuizen zullen van mij geen last krijgen.’
‘… na een dag of vijf,’ vulde ze aan.
‘Hmm. Is er nog koffie?’
‘Ga maar zitten,’ zei ze. ‘Ik heb net gezet. En ik heb er ook iets bij gehaald.’
Toch liep ik eerst naar de tuindeuren.
‘Het lijkt wel of plotseling alles in bloei staat,’ zei ik en ik voelde warempel een weke brok in mijn keel.
‘Je bedoelt die perenboom? Die is al uitgebloeid. Jij ziet ook niets.’
Zoveel onrecht verdroeg ik niet. Ik rukte de tuindeur open en liep met mijn telefoon naar buiten om een demonstratieve foto van de bloesem te maken. Toen zag ik dat de helft van die witte belofte al in het korte gras lag. Zelfs toen ik zaterdag had gemaaid en bemesting had gestrooid, was die bloesem mij niet opgevallen. Ze had gelijk. Ik zie niets.

Enigszins terneergeslagen maakte ik toch maar een foto en wachtte in de voorkamer op mijn koffie met iets erbij. Iets erbij bleek een stukje MonChou te zijn en een gebaksvorkje.
‘Moest je lang wachten?,’ wilde ze toen weten. Nee, echt druk was het niet.
‘En geen rare bijverschijnselen?’ Ook niet. Een beetje schijf in mijn linkerschouder. En ik zag nu opeens dat het perenboompje in bloei stond. En het viel me zelfs op dat ze haar nieuwe oorbellen in had en een nieuwe bloes droeg, die haar jonger maakte, zei ik.
Ze was zichtbaar opgetogen dat het mij was opgevallen. Ik bedoel maar.
‘Zie je wel, dat het meteen werkt,’ stelde ik tevreden vast.

Terwijl zij aandachtig verder keek naar haar woonprogramma, begon ik me toch zorgen te maken om ons perenboompje. Zou het normaal zijn, dat die bloesem nu al weer viel? En zouden die dunne takken na de zomer weer zo zwaar behangen zijn? En zouden we de vogels en wespen dit jaar voor kunnen blijven? Zo’n boompje is zo broos.
‘Je laat je koffie koud worden,’ zei mijn vrouw, ‘en je kijkt zo zorgelijk. Is er iets?’
‘Nee hoor,’ zei ik, ‘mij kan niets meer gebeuren. Ik ben gewoon een beetje sentimenteel. Zal ik aardappelen schillen?’
Daarmee hernam de dagelijkse loop dingen zich weer, alsof er niets was gebeurd.

Bekijk ook...

Liefde in tijden van Corona

Het was vreemd. Na drie dagen thuis werken leek het kantoor anders. Was het de kleur van het metselwerk? Of de kleur van de wolken, in het grijs meende ik een violette ondertoon te herkennen.

Annemarie Nauta. In het boek stond een andere foto uit dezelfde serie: Bois de Boulogne, Parijs.

Foto van Olga

‘Ik moet je iets laten zien,’ zei ik, toen mijn vrouw thuiskwam. Maar helaas, er was iets fout gegaan bij het opnemen van de uitzending. Ook bij een haastige speuractie op het wereldwijde net vond ik niet de foto van Annemarie Nauta, die in mijn ziel stond gebrand.

Rue Michel Bizot 48 Parijs 7e verdieping

De ogen van Francine

Ze zeggen dat je eerste liefde heimelijk altijd op nummer één blijft staan. Maar dat geldt niet voor mij. Ik denk nog zelden aan haar terug en dan nog slechts met weemoed. Maar toen de Oude Schrijver haar naam noemde, zag ik weer haar ogen, smeulend verlangen naar brandende liefde.