Mea Culpa

Hagelslag

Maart 2021
Toen ik vanochtend vroeg de factuur voor mijn gehoorapparaat op mijn toetsenbord zag liggen, besloot ik hem meteen maar te voldoen. Tijdens het inloggen met mijn Rabo-pas morste ik hagelslag op mijn toetsenbord. Toen ik vervolgens weer doorging, werd mij de toegang geweigerd. Kan gebeuren. Maar toen ik bij de tweede poging, zonder onderbreking en afleiding, weer niet binnenkwam – geen foutmelding, alleen een nieuw inlogscherm – brak diep van binnen een lichte paniek uit, die ik meteen weer de kop in drukte, want uit ervaring weet ik, dat je daar weinig mee opschiet.

Rustig ademhalen. Aan mijn Rabo-pas was niets te zien. En op mijn reader toetste ik in gedachte weer mijn pincode in. Al jarenlang dezelfde. Ik kan hem dromen: ****, vier cijfers in een bepaalde volgorde, vier toetsen in een bepaalde configuratie. Ik denk er niet bij na, ik bewaar hem gedachteloos aan het eind van mijn wijsvinger. Maar toch sloeg de twijfel toe. Het menselijk brein is feilbaar. Ik noem mijn vrouw ook wel eens per ongeluk bij een verkeerde naam. Op de Rabo-site stond dat er geen storing was. Met andere woorden, het was allemaal mijn eigen fout. En na een derde foute poging werd mijn pas – mijn recht op eten en drinken – mijn toegang tot de buitenwereld – werd die pas misschien wel geblokkeerd.

Gedreven door een behoefte om iets te doen, ging ik douchen en aankleden. Tegen mijn vrouw, die nog half sliep, zei ik dat ik zo weer terug was.
‘Wt-tizzer?’
‘Mijn pas doet het niet,’ zei ik.

Bloemen

Ik kon niet voorkomen dat zich in de auto voor mijn geestesoog tenslotte een catastrofe voltrok. Mijn rekeningen waren natuurlijk geplunderd door een Russische trol. Toch had ik niets fout gedaan, al kon ik dat natuurlijk niet bewijzen. Ooit was Mijn Bank een gastvrij gebouw met vriendelijke mensen die ik kende. Tegenwoordig was het een onneembare vesting, met een call-centrum in de Cloud. 

Het overbekende gebouw, dat van mijn geld was gebouwd, stond er gelukkig nog, maar waar ooit een pinautomaat had gezeten, was een slordige plaat op de muur geschroefd met de tekst: Pinnen op Merk 4. Ze waren gesloten en nergens stonden openingstijden. Merk 4 bleek een Fysio-praktijk, met in de gevel nog een pinautomaat van de ABN AMRO, waar je tegenwoordig ook de meest verschrikkelijke dingen las. Op de display stond: Tijdelijk buiten gebruik. Het was duidelijk, de Dag des Oordeels was aanstaande. Zonder me te bedenken sprintte ik terug naar mijn auto, die ik gelukkig nog op de stoep van Mijn Bank aantrof, weliswaar onvergrendeld.

Mijn laatste hoop was gevestigd op de Jumbo. Daar was het al een drukte van belang. Gemaskerd tegen het gewone virus ging ik op zoek naar de pinautomaat, naast de lege flesseninname. Ik pinde met **** zeventig euro en warempel, mijn pas werd niet opgevreten en ik kreeg gewoon mijn echt geld! Ik stond alweer buiten, toen ik me realiseerde hoe opgelucht ik was. Meteen liep ik terug en pakte het mooiste boeket dat ik zag, alleen maar om iets af te kunnen rekenen. Wederom probleemloos. Er gloorde een uitweg.

Mijn schuld

Thuisgekomen trof ik mijn vrouw al volledig aangekleed aan. Ze legde meteen de krant neer en vroeg wat er aan de hand was.
‘Mijn pas doet het weer,’ zei ik en reikte haar als bewijs het boeket aan, dat met veel liefde en persoonlijke aandacht in ontvangst werd genomen.
‘En heb je je saldo gecontroleerd?’, vroeg ze, toen ik de aanleiding had uitgelegd.
‘Nee, niet aan gedacht. Ik ga het meteen weer proberen’, zei ik en liep door naar mijn werkkamer.
‘Toe, laten we nu eerst koffiedrinken’, zei ze. Ook goed. Uw wil geschiede.

Tijdens de koffie kreeg ik weer eens te horen, dat ik slordig en roekeloos ben. Laatst was ik dat dinges-wachtwoord kwijt en vorig jaar had ik tweemaal een nieuwe Digid moeten aanvragen. Allemaal waar, maar ik had nu toch niets fout gedaan?
‘Dat zeg jij,’ stelde ze vast.
Meteen liep ik naar mijn PC. Ze kwam mee en stelde zich op achter mijn stoel, waar ik altijd erg nerveus van word. Opnieuw probeerde ik in te loggen. Dat lukte, maar nu kreeg ik een merkwaardig lege pagina.
‘Zo ziet het er anders nooit uit,’ zei ik.
‘Is dit wel de site van de Rabobank?’
Ik wees naar de code boven in het scherm.
‘Ik zou eerst maar eens bellen,’ zei ze.
Moedeloos sloot ik af en belde de klantenservice. Daar werd ik meteen opgenomen voor trainingsdoeleinden. Voor studenten psychiatrie natuurlijk, dacht ik onwillekeurig. Ik word gek. De vriendelijke jongeman in mijn oor stelde inderdaad veel vragen, die ik niet begreep en waar ik het antwoord op schuldig moest blijven. Tenslotte concludeerde hij, dat hij me ook niet kon helpen, maar tijdens het gesprek probeerde ik het nog eens. En verdomd, alles deed het weer! Ik dankte hem uit de grond van mijn hart en maakte de kosten van mijn gehoorapparaat onmiddellijk over.

‘Wat heb jij een hoop geld,’ zei mijn vrouw, die nog steeds onzichtbaar achter mijn stoel stond.
‘Moet ik het naar jou overmaken?’, vroeg ik.
‘Dat lijkt me wel zo verstandig,’ zei ze. En het was niet eens een grapje!
Ook ik ontkwam niet aan het besef, dat het allemaal mijn schuld was.

Bekijk ook...

Rue Michel Bizot 48 Parijs 7e verdieping

De ogen van Francine

Ze zeggen dat je eerste liefde heimelijk altijd op nummer één blijft staan. Maar dat geldt niet voor mij. Ik denk nog zelden aan haar terug en dan nog slechts met weemoed. Maar toen de Oude Schrijver haar naam noemde, zag ik weer haar ogen, smeulend verlangen naar brandende liefde.

11 mei 2021: De GGD Sneek

De bloei van de perenboom

Toen ik mijn erf opreed, trof mij de bloei van ons perenboompje. De witte bloesem straalde mij tegemoet en veroorzaakte een emotionele opvlieger. Ik danste naar binnen, wierp mijn sleutels luidruchtig op het kastje, en jubelde dat ik thuis was.

Station Amsterdam Muiderpoort. De blanke Seedorf heet De Ligt.

Muiderpoort - Muziekwijk

Toen ik op station Amsterdam Muiderpoort was ingestapt zocht ik een zitplaats. Ik belandde op een achteruitrijbank. Op het scherm controleerde ik nogmaals of ik in de juiste trein zat. Iedereen keek op het scherm van zijn telefoon, behalve ik – ik zou niet weten waar ik naar zou moeten kijken – en een donkergekleurd meisje schuin tegenover me.