Rook

Een oude man met een ijsmuts diep over zijn oren getrokken bleef staan voor de deur van het sigarenmagazijn. Hij trok een zakdoek tevoorschijn, trad naar binnen en snoot zijn neus. De detaillist met krulsnor veerde op achter zijn toonbank, en liep de klant met voorzichtige pasjes en een uitgestoken hand tegemoet.
“Wie hebben we daar?”
“Ja, ik … ik ben er weer.”
“Dat zie ik.”
“Ja.”
“We hoorden dat je even weg bent geweest.”
“Ja. Veertien dagen van huis.”
“Zo! Twee weken!”
“Ja, bijna.”
“En? Hoe gaat het er nu mee?”
“Nou, ik heb hulp, hè …”
“Hulp! Dat is mooi.”
“Ja, dat moest wel. Geen lucht.”
“En? Wat was het nou?”
“Tja, een kwaal met een rare naam.”
“Een kwaal!”
“Ja, dat zeggen ze.”
“Maar ze kunnen wat, tegenwoordig.”
“O ja, tegenwoordig zeker.”
“En wat doen we? Hetzelfde recept?”
“Ach ja …”
“Dat is dan drie negentig.”
De man snoot nogmaals zijn neus, bekeek de vangst en vouwde zijn zakdoek weer dicht. Toen rekende hij af.

Bekijk ook...

Chili con carne

Omdat mijn vrouw nog een laat overleg in Vaassen had, besloot ik Chili con Carne te maken. On-derweg van mijn werk haalde ik voor alle zekerheid een zakje saus.

Annemarie Nauta. In het boek stond een andere foto uit dezelfde serie: Bois de Boulogne, Parijs.

Foto van Olga

‘Ik moet je iets laten zien,’ zei ik, toen mijn vrouw thuiskwam. Maar helaas, er was iets fout gegaan bij het opnemen van de uitzending. Ook bij een haastige speuractie op het wereldwijde net vond ik niet de foto van Annemarie Nauta, die in mijn ziel stond gebrand.

Grytsje Postma-Zonderland

De kont van Beppe (1963)

Toen ik om half vijf wakker werd voor mijn oudemannenplas, zat die droom nog in mijn kop, een beeld uit mijn jeugd, de kont van mijn Beppe. Er was geen verhaal, zoals dat zo vaak met dromen gaat. Ik kon me niet herinneren, dat ik hier ooit eerder over had gedroomd, maar het beeld bood mij troost.